Gesprek arts-patiënt

 

​Artsen zijn opgeleid om medische problemen systematisch aan te pakken. Elke dokter heeft een hele bibliotheek aan kennis in zijn hoofd. Hij heeft de neiging om die meteen te overlopen wanneer je op het spreekuur komt met een klacht. Bijvoorbeeld, wanneer jij zegt: “Ik heb keelpijn…” dan gaat hij misschien meteen in je keel kijken en je halsklieren betasten. Waarna een uitleg volgt met veel moeilijke woorden, een voorschrift voor een geneesmiddel.

Terwijl jij je vooral zorgen maakte omdat je de volgende dag een mondeling examen hebt. Of misschien wou je eigenlijk iets heel anders vragen, maar kreeg je het niet over je lippen.

Die hulpvraag achter je klacht aan de oppervlakte brengen, daarin werden dokters - vroeger toch - niet of nauwelijks getraind tijdens hun opleiding. Al die verschillende hulpvragen willen ook een ander antwoord: een snelwerkend geneesmiddel, doorverwijzing voor verder onderzoek, een geruststelling, of meer tijd om te zeggen waarvoor je echt kwam. 

Geef informatie 

Achter jouw korte hulpvraag kan veel meer zitten, maar je dokter is geen helderziende. Dus moet jij zelf meer zeggen.

  • Doe je verhaal grondig en gedetailleerd, want vaak kan de dokter alleen daardoor de juiste diagnose stellen. Een voor jou bijkomstig detail is misschien de sleutel. Hoofdpijn bijvoorbeeld, kan allerlei oorzaken hebben. Als jij erbij vertelt dat je hoofd urenlang bonsde en dat je tezelfdertijd hondsmisselijk was, dan kan je dokter al besluiten dat het waarschijnlijk migraine was.
  • Wat heb je zelf al tegen je probleem gedaan: pijnstiller, zalfje, rusten… Vermeld ook alternatieve behandelingen.
  • Verzwijg het belangrijkste niet. Wees niet beschaamd en voel je niet schuldig. We kunnen allemaal een gênante aandoening krijgen, of iets onverstandigs doen zoals onveilig vrijen. Bovendien heeft de dokter zwijgplicht: hij of zij mag het niet doorvertellen. Een goede arts voelt aan dat je met iets worstelt, maar je kan er niet van uitgaan dat hij zal raden waarmee.
  • Maak vooraf een lijstje van wat je zeker wilt zeggen of vragen. Vaak vergeet je tijdens het consult iets uit zenuwachtigheid of omdat het stomweg uit je gedachten gaat.
  • Een dagboek bijhouden kan nuttig zijn voor een chronische ziekte of probleem. Dan noteer je bijvoorbeeld: wanneer had je een astma-aanval, wat had je die dag allemaal gedaan en gegeten? 

Vraag informatie 

  • Vraag uitleg wanneer je iets niet snapt. Artsen geven soms een erg beknopte uitleg of gebruiken andere woorden. Ze staan er immers niet altijd bij stil dat de rest van de wereld hun kennis niet deelt en hun vakjargon niet begrijpt.
  • Breng iemand mee als het om een moeilijk onderwerp of om slecht nieuws gaat. Die persoon kan je emotioneel en praktisch ondersteunen door mee te luisteren en belangrijke info te noteren. Blijf zelf actief aan het gesprek deelnemen, zodat het niet over je hoofd met de derde persoon gevoerd wordt.
  • Vraag extra informatie om thuis in alle rust door te nemen. Zoals een patiëntenfolder, handgeschreven informatie van de dokter, een boek of het adres van een internetsite. Bij een volgende consultatie heb je dan al meer kennis en kan je gerichter vragen stellen.
  • Wat zijn waarschuwingssignalen? Bij welke nieuwe klachten moet je de dokter sneller dan afgesproken opnieuw contacteren? Een consultatie is immers een momentopname. Bijvoorbeeld, een grieperig gevoel kan in het begin onschuldig lijken, maar soms evolueren naar iets serieuzers. 

Vragenlijstjes

Met een voorbereid vragenlijstje weet je zeker dat je alles hebt gevraagd wat je moest vragen aan je arts of zorgverlener.  Bekijk de handige vragenlijstjes in verschillende situaties:

 

Verschenen op 7 maart 2012 en herzien op 28 augustus 2016 met medewerking van dokter Lucas Ceulemans, faculteit geneeskunde van de Universiteit Antwerpen (Vaardighedenonderwijs Communicatie)

Contacteer ons

Voor alle vragen over jouw ziekteverzekering

Bond Moyson Oost-Vlaanderen

09 333 55 00