Rugpijn bij kinderen

Tips en zelftesten om de rug van je kind op te volgen. Een kinderrug is geen kopie van je eigen rug. De vorm en functie ervan evolueert met de tijd. Wat is normaal en wat is afwijkend?

Normale ontwikkeling

 Lees over de grote veranderingen in de rug van je kind, van baby tot puber.

Baby, vanaf zes maanden 

  • Op deze leeftijd beginnen baby’s voor het eerst te zitten. Dat gebeurt vaak erg doorgezakt. Dit maakt je misschien bezorgd? Wees gerust, het is volkomen normaal. De rug van je baby is immers nog niet sterk genoeg om mooi rechtop te zitten.
  • Bovendien bewaart je baby zo ook beter het evenwicht.
  • Zijn of haar rugspieren worden enkel sterker door ze vaak te gebruiken. Dat doet je baby best door zo vaak mogelijk gedurende korte periodes te zitten met een bol ruggetje.

Ook dit moet je weten:

  • Je baby verandert automatisch van houding als die te vermoeiend wordt. Maak je dus geen zorgen als hij of zij al een halfuur ‘ineengezakt’ zit te spelen.
  • Je baby zal automatisch steeds meer rechtop gaan zitten met het achterwerk naar achter en een hol ruggetje. Dat gebeurt meestal na enkele weken zitten. Deze holle onderrug zal de baby een lange tijd behouden. Dat hoort bij een normale ontwikkeling en is noodzakelijk om te leren stappen.
  •  

Peuter, een tot twee jaar

  • Op deze leeftijd leert je kindje rechtstaan en stappen. In het begin plaatsen peuters hun beentjes ver uit elkaar. In combinatie met een holle onderrug zorgt dit voor een beter evenwicht.
  • Naarmate je peuter beter stapt, plaatst hij of zij de beentjes dichter bij elkaar. De holte in de onderrug blijft lang behouden.
  • Na de kleutertijd, tegen de leeftijd van vijf à zes jaar, begint de holle onderrug af te vlakken. De buik- en rugspieren zijn dan sterker en meer op elkaar afgestemd.

Kind, zes tot negen jaar

  • Vanaf het moment dat je kind naar de lagere school gaat, lijkt zijn of haar rug steeds meer op die van een volwassene. De rug krijgt een lichte holte in de onderrug en een lichte kromming bovenaan.
  • Meisjes hebben op die leeftijd nog vaak een erg holle rug waarbij hun buik naar voor steekt, het zgn. ‘kleuterbuikje’.
  • Maak je kind attent op zijn of haar rug en vraag om het bekken te kantelen. Als hij of zij zeven jaar is, moet de onderrug toch echt minder hol zijn.

Samen oefenen

  • Doe samen met je kind de oefening navelstaren. Met deze oefening leer je je kind het bekken kantelen en train je bekkenbodem-, buik- en rugspieren.
  • Zo doe je ze: (tekening 1)
      • Spreidstand met de voeten een beetje uit elkaar en de armen naast het lichaam.
      • Kijk naar je navel terwijl je je buik intrekt en je onderrug vlak maakt.
      • Staar zes seconden en ga dan terug naar de starthouding.
      • Herhaal tien keer.

 Tekening 1

         

               

               

               

               

               

               

               

               

              Tiener

              • Tieners, en vooral jongens, zitten vaak onderuitgezakt. Hun beenderen groeien zo snel dat de spieren niet kunnen volgen.
              • En zelfs al zijn deze lang genoeg, dan nog zijn ze vaak te zwak door de groei en de rek.
              • De spieren worden ook moe door heel de dag op de schoolbanken te zitten. Volledig doorgezakt zitten, voelt dan goed aan voor hen.
              • Maar op de lange duur lokt die houding rugpijn uit door de grote belasting op ruggenwervels en tussenwervelschijven.

              Tips voor ouders

              • Gun je tiener af en toe momenten om volledig doorgezakt te zitten maar wijs hem of haar op het belang van juist zitten zodat de rugspieren sterker worden. 
              • Zit op je zitknobbels en niet op je heiligbeen. Je zitknobbels voel je in het midden van je bil of achterwerk. Je heiligbeen zit op het einde van je bilnaad.
              • Plaats de bovenkant van je computerscherm op ooghoogte
              • Voorzie een bureaustoel met armleuningen
              • Gebruik een telefoonboek of schoendoos als voetensteuntje als je aan je bureau zit. Zet je voeten er schuin op.
              • Benen niet kruisen tijdens het zitten
              • Benen niet strekken tijdens het zitten want dan schuif je onderuit
              • Laat je tieners een sport beoefenen waarbij ze hun buik- en rugspieren trainen

               

               

              Groeipijn

              ​Rugpijn bij kinderen is vaak een gevolg van het groeien. Het wordt duidelijk hoe de pijn precies ontstaat als je het groeiproces kent.

              Wat

              • Je beenderen groeien ter hoogte van de groeischijven. Die zitten in de voornaamste gewrichten zoals de enkels, knieën, heupen. Spieren groeien niet mee met je botten maar rekken uit. Als je botten drie centimeter groeien, worden je spieren met drie centimeter uitgerekt en staan ze erg gespannen.
              • Rugpijn kan een gevolg zijn van onderbenen die aan het groeien zijn. De beenspieren hangen vast aan het bekken waardoor je kind de spierspanning kan voelen tot in de onderrug. Dit beïnvloedt soms ook de houding van je kind.
              • Wanneer de ruggenwervels groeien, geeft dit spanning op de lange rugspieren. Dit maakt het voor een kind moeilijker om rechtop te zitten of te lopen. Vergelijk het met gevangen zitten in een te klein kruippakje.

              Groeispurt

              • Wanneer je kind geleidelijk groeit, hebben de spieren tijd om zich aan te passen. Dat merk je als ouder niet echt op maar daar verschiet je pas van wanneer je kind plots aan de koekjes kan in de kast.
              • Af en toe krijgt je kind een groeispurt. Op dat moment volgen de spieren niet meer en heeft je kind last van krampen en spierspanning. Zo’n moment herken je ook aan de vele winkelbezoeken omdat je kind uit zijn kleren groeit.
              • Meisjes groeien traag maar geleidelijk met een groeispurt tussen elf en dertien jaar.
              • Jongens groeien meer in pieken met een groeispurt tussen zes en zeven jaar en veertien en zestien jaar. In de puberteit kan dit tot vijftien centimeter per jaar gaan.

              Herkennen

              Als je kind last heeft van groeipijnen klaagt het van pijn aan de spieren of aan de gewrichten. Zo kan je groeipijn herkennen.

              Spierpijn

              • Pijn aan de kuitspieren of de rugspieren is vaak een gevolg van groeipijn. Hoe herken je dat? Als je kind minstens vier centimeter is gegroeid.
              Wanneer probleem?
              • Als je kind spierpijn heeft maar het is de voorbije drie maanden maar twee centimeter is gegroeid, kan dat niet de reden zijn van pijn of krampen. Dan zijn er andere problemen in het spel. Vaak voorkomende problemen zijn: voetproblemen (steunzolen nodig), een sportblessure opgelopen, problemen met matras of hoofdkussen, een beenlengteverschil, enz.

              Gewrichtspijn

              • Pijn aan de knieën is vaak een gevolg van groeipijn.
              • Groeipijn voel je ter hoogte van je groeischijven.
              Wanneer probleem?
              • Raadpleeg een arts wanneer het gewricht warm of gezwollen is of wanneer de gewrichtspijn blijft aanslepen. Zeker wanneer je kind ’s ochtends stram uit bed stapt of na lang zitten pijn heeft bij het rechtstaan of stappen. Dat kan wijzen op een ontsteking of een reumatische aandoening.

              Testen voor thuis

              ​Met enkele handige trucs kan je de rug van je kind thuis nakijken op afwijkingen. Met deze testen kijk je ook naar de voeten, knieën en benen want ook deze elementen beïnvloeden de houding van de rug. Doe deze testen bij elke groeispurt van je kind opnieuw. Als je iets opmerkt, brengt uiteraard enkel een grondig onderzoek door een arts uitsluitsel.

              Stand van de benen

              • Laat je kind in ondergoed staan
              • Sta op een meter afstand achter je kind
              • Zijn de enkels naar binnen gekanteld?
              • Zie je X-benen of O-benen?
              • Als je een van beide zaken opmerkt, laat dit dan bij je volgende bezoek aan de huisarts nakijken.

              Beenlengteverschil

              • Laat je kind in ondergoed staan
              • Sta op een meter afstand achter je kind
              • Zitten de knieplooien van beide benen op dezelfde hoogte? (tekening 1)
              • Zitten de horizontale bilplooien op dezelfde hoogte? (tekening 1)
              • Leg je handen op de bekkenkam en laat je duimen naar achter wijzen. Zitten je duimen op dezelfde hoogte? (tekening 1)
              • Wanneer het beenlengteverschil groter is dan twee centimeter, raadpleeg dan een arts.
              • Een beenlengteverschil treedt soms op tijdens de groei maar gaat soms vanzelf weg. Wanneer het verschil blijft aanhouden, raadpleeg dan een arts.
              • Zijn beide schouders op dezelfde hoogte? Dit kan je controleren door je handen op de schoudertoppen te leggen met de duimen naar achter. Als je duimen naar elkaar wijzen, is het ok. (tekening 1)

              Tekening 1

                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 
                 

              Scoliose

              • Laat je kind in ondergoed staan
              • Laat je kind vooroverbuigen met gestrekte benen. (tekening 2)
              • Liggen de knobbeltjes van de wervels mooi op een lijn? (tekening 3)
              • Plaats dwars over de schouderbladen (op het hoogste punt van de kromming) een meetlat: ligt de lat waterpas? (tekening 3)
              • Raadpleeg een arts wanneer de knobbeltjes in een s-vorm liggen en/of wanneer het ene schouderblad hoger uitsteekt dan het andere. Een beginnende scoliose die correct opgevolgd wordt, heeft meestal geen verregaande gevolgen.

              Tekening 2

               

               

               

               

               

               

               

               

               

              Tekening 3  

               

               

               

               

               

               

               

               

               

               

              Verschenen op 26 april 2013 met medewerking van Suzy Schorrewegen, licentiaat kinesitherapie en motorische revalidatie. De oefening ‘navelstaren’ komt uit het Ruglaboekje 3 van VIVA-SVV.

              Aanbod beweging en vitaliteit

              Leg je niet neer bij rugpijn. Blijf bewegen.

              Contacteer ons

              Voor alle vragen over jouw ziekteverzekering

              Bond Moyson Oost-Vlaanderen

              09 333 55 00