Obesitas

Obesitas is een chronische vorm van overgewicht, die zo ernstig is dat het gevaarlijk is voor je gezondheid. Het aantal mensen met obesitas neemt toe. Daar heeft onze moderne levensstijl veel mee te maken.
Gewicht verliezen gaat het best geleidelijk aan door je levensstijl aan te passen, door gezond te gaan eten en meer te bewegen. Je kan daarvoor professionele hulp krijgen, bijvoorbeeld bij een diëtiste en bewegingsconsulenten. Wanneer levensstijlaanpassing niet volstaat, kan je kiezen voor een chirurgische ingreep.Ook na zo’n ingreep moet je gezond blijven leven.

Wat

​Obesitas is geen ander woord voor overgewicht. Het betekent niet dat je een paar kilogram te veel weegt, maar wel dat je zo zwaar bent dat je gezondheid eronder kan lijden. Meestal sleep je dat overgewicht al jarenlang mee. Het is op zich geen ziekte, maar als je er niets tegen doet kan je er wel ziek door worden.

Ongeveer 15 % van alle Belgen heeft last van obesitas, maar bij 55-plussers stijgt dat tot meer dan 25 %. Het komt veel vaker voor dan vroeger en het begint ook steeds eerder in het leven.

Weeg je te veel?

Een gezond gewicht ligt hoger dan het slankheidsideaal uit de modetijdschriften. Dat overdreven ideaal is een puur esthetische kwestie. Maar bij obesitas is het echt te veel. Je kan op twee manieren berekenen of je een goed gewicht hebt.

1. Meet je eigen buikomtrek

  • Leg een lintmeter om je buik ter hoogte van de navel en meet.
  • Vergelijk je resultaat met deze tabel. 
man​ vrouw​
​gezond 94 cm of minder​ 80 cm of minder​
licht verhoogd risico​ ​94 tot 102 cm ​80 tot 88 cm
sterk verhoogd risico​ ​102 cm en meer ​88 cm en meer
 

Dit is de gemakkelijkste manier. Bovendien weet je meteen ook of je gezondheid door je overgewicht in gevaar komt. Je meet namelijk het gevaarlijke vet rond je buik.

 

2. Bereken je BMI of Body Mass Index.

Een andere naam voor BMI is de Quetelet index.
  • Deel je gewicht in kilogram door het kwadraat van je lengte in meter. Bijvoorbeeld: 70 : 1,72 x 1,72 = 27, 0 kg/m2. Of nog gemakkelijker: laat je BMI hier berekenen.
  • Vergelijk je resultaat met deze tabel.

 

​Je gewicht is... BMI​
​Normaal 18,5 tot 24,9 kg/m²​
Overgewicht​ ​25 tot 29,9 kg/m²
​Obesitas  ​30 tot 40 kg/m²
Heel ernstige obesitas​ ​meer dan 40 kg/m²

 

De BMI is een gemakkelijke, maar niet erg nauwkeurig meetmethode. Hij houdt geen rekening met belangrijke elementen zoals je leeftijd, je geslacht, hoe gespierd je bent enz. Zo kan een bodybuilder met bijna geen lichaamsvet toch een hoge BMI hebben, omdat spieren meer wegen dan vet.

 

 

 

Gevolgen

​Overgewicht vergroot je risico op een aantal chronische aandoeningen. Ze maken je leven korter en onaangenamer. Hoe zwaarder je bent, des te groter wordt het gevaar.

  • Diabetes type 2
    Dit soort suikerziekte is een rechtstreeks gevolg van overgewicht. Meer dan 80% van de gevallen is toe te schrijven aan overgewicht. Diabetes tast onder andere je bloedvaten, je zenuwen en je nieren aan.
  • Een te hoge cholesterol
    Cholesterol is een vetachtige stof. Met name de LDL- of ‘slechte’ cholesterol kan blijven vastzitten aan de wanden van je bloedvaten en ze doen vernauwen. De HDL-cholesterol of goede cholesterol daarentegen ruimt die deeltjes LDL op.
  • Te veel triglyceriden
    Dit is een ander soort vetten in het bloed die zich kunnen vastzetten aan de bloedvatwanden.
  • Een hoge bloeddruk
    Deze beschadigt je bloedvaten. Je loopt drie keer meer kans op een hoge bloeddruk als je obees bent.
  • Hart- en vaatziekten
    Daardoor kan je onder andere een hartaanval, een hersenbloeding of een hersentrombose krijgen. Je risico daarop is tot tweemaal hoger dan dat van iemand met een gezond gewicht.
  • Slaapapneu
    Dan snurk je erg luid en stop je tijdens je slaap regelmatig even met ademen, zonder het te beseffen. Dat maakt je overdag slaperig. Het is onder meer ook slecht voor je bloeddruk.
  • Leververvetting
    Dan zit er te veel vet in je levercellen. Dat kan je lever op termijn beschadigen.
  • Verschillende soorten kanker
    zoals dikke darmkanker en borstkanker.
  • Gewrichtsproblemen
    zoals artrose. Je gewrichten worden immers extra zwaar belast door het gewicht dat ze moeten dragen. Vooral je knieën en onderrug lijden eronder. Met slechte gewrichten doet bewegen pijn. Daarom ga je beweging vermijden en neemt je gewicht nog meer toe. Zo is de cirkel rond.
  • Psychologische problemen
    zoals depressie. Mensen die te veel wegen, voelen zich vaak minder gelukkig en hebben minder zelfvertrouwen dan slanke mensen. Ze voelen zich bekeken en worden zelfs uitgelachen. Ze vinden zichzelf soms mislukkelingen, omdat ze er maar niet in slagen om slank te zijn of te blijven.
  • Het metabool syndroom
    Dit is een combinatie van overgewicht rond je buik, diabetes type 2, een te hoge cholesterol, te veel triglyceriden en een hoge bloeddruk. Je gezondheid loopt echt gevaar wanneer je het metabool syndroom hebt, want die verschillende aandoeningen versterken elkaars negatieve invloed op je gezondheid nog.
    Je buikomtrek zegt het meest over je risico op het ontwikkelen van het metabool syndroom. Vet diep in de buik bemoeilijkt de werking van de organen die er liggen. Daarom is dat vet slechter dan vet op andere plaatsen van je lichaam, zoals op je billen.

Behandelen

​Kom in actie

Door iets aan je obesitas te doen, dalen de gezondheidsrisico’s weer. Je gaat je bovendien veel energieker voelen en er beter uitzien.

Hoe doe je dat?

Gezond eten én meer bewegen: dat is de enige goede en blijvende behandeling. Het een versterkt bovendien het andere: als je meer beweegt, val je sneller af dan wanneer je alleen een dieet volgt. Naarmate je meer gewicht verliest, wordt bewegen bovendien minder lastig en zelfs plezierig. Zeker in het begin is het niet gemakkelijk, maar op de duur wordt een gezonde levensstijl een gewoonte. Net zoals een slechte levensstijl een gewoonte is.

Gezond eten

Overschakelen naar een gezonde en evenwichtige voeding is de beste manier om af te vallen en je streefgewicht ook te houden. Meer daarover vind je in het artikel "Vermageren op een gezonde manier".

Wie kan helpen?

Een diëtiste zet je op de juiste koers. Ze kan je uitleggen waaruit een gezonde voeding bestaat. Je moet immers eerst wéten wat een evenwichtige voeding is, voor je ernaar kan overschakelen. Een diëtiste spoort ook de fouten in je eetpatroon op die je pogingen saboteren om af te vallen. Bijvoorbeeld, sla je het ontbijt over, dan eet je ’s avonds veel te veel.

Te mijden

  • Een crashdieet is een heel streng vermageringsdieet. Je kan er op korte tijd veel gewicht mee verliezen, maar verder heeft het alleen maar nadelen.
      • Je kan het niet lang volhouden. Je mag maar erg weinig eten, of maar een beperkt aantal voedingsmiddelen.
      • Het is heel ontmoedigend. Zodra je ermee stopt, komen er vaak nog meer kilo’s bij dan er afgegaan zijn. Dat is het jojo-effect. Het is als je adem inhouden tot je bijna barst, en dan gulzig extra veel lucht happen.
      • Je leert niet gezond eten. Het dieet is doorgaans immers erg eenzijdig. Je mag bijvoorbeeld alleen eiwitten eten, terwijl een gezonde voeding bestaat uit veel meer dan eiwitten.
  • Vermageringspillen of eetlustremmers leren je evenmin hoe je gezond eet. Op termijn halen ze dus niets uit. Er bestaan vermageringspillen die je in de apotheek kan kopen. Door die pillen wordt een deel van het vet uit je voeding niet opgenomen in het lichaam, maar daardoor hebben ze ook vervelende bijwerkingen zoals diarree.
    Allerlei andere middeltjes of zogenaamde voedingssupplementen maken alleen je portemonnee lichter, of zijn zelfs gevaarlijk voor je gezondheid.

Weerstaan aan de verleiding

Blijven neen zeggen aan chocolade, frieten of cola is erg moeilijk. Dat soort voedsel verschaft ons een kort moment van genot. We voelen ons dan even happy. Onze hersenen dwingen ons bijna om aan die sterke drang toe te geven, en zo het genotscentrum diep in de hersenen keer op keer te bevredigen.

Wie kan helpen? 

Een psycholoog maakt je mentaal sterker, zodat je beter kan weerstaan aan die drang. Vooral cognitieve gedragstherapie helpt. Ook mindful - bewust - eten is een goede manier om je eetgedrag onder controle te krijgen en te houden.

De psycholoog helpt je ook om voor jezelf een realistisch doel te bepalen, een gewicht dat haalbaar is voor jou. Jij wilt misschien superslank worden zoals de modellen in de tijdschriften, maar je erfelijke eigenschappen of je leeftijd maken dat onmogelijk. Haal je je streefdoel, dan is dat een grote overwinning. Een onhaalbaar doel nastreven is echter erg ontmoedigend.

Meer bewegen

Wanneer je beweegt, heb je meer energie nodig dan wanneer je stilzit. Beweeg je op de juiste manier, dan spreekt je lichaam je vetvoorraad aan en vermager je. Bovendien ontwikkel je je spieren. Spierweefsel verbruikt meer energie dan vetweefsel. Daardoor val je dus sneller af dan wanneer je alleen maar dieet. Bovendien wordt je hele lichaam er gezonder door, daalt je kans op allerlei ziekten en ga je er ook beter uitzien. De aanbevelingen zijn om 5 dagen per week minstens een halfuurtje te bewegen. De intensiteit hiervan bepaal je zelf, zolang je hartslag naar boven gaat en je begint te zweten, is het goed.

Wie kan helpen?

Een kinesitherapeut, bewegingsconsulent of personal coach helpt je om te gaan bewegen op een manier die voor jou haalbaar is, waarmee je rustig je conditie opbouwt en blijvend gewicht verliest. Wanneer je te zwaar bent, gaat bewegen immers extra moeizaam. De kans bestaat dat je te hard van stapel loopt, jezelf overbelast en daardoor de moed verliest. Bovendien vind je het misschien beschamend om meteen in het openbaar te sporten tussen alleen maar slanke mensen.

Meer over gezond bewegen vind je in de rubriek sport en bewegen.

 

 

Obesitaskliniek

​Vlaanderen telt een aantal obesitasklinieken, waar je terecht kan bij een multidisciplinair team. Zo’n team bestaat uit specialisten: artsen, maar ook een bewegingsexpert, een voedingsdeskundige en een psycholoog. Ze begeleiden je allemaal professioneel bij het afvallen. Je kan er ook terecht voor een chirurgische ingreep.

Chirurgie

Soms wil het toch niet lukken met alleen een gezond eet- en beweegpatroon. Dan kan een chirurgische ingreep je gewicht blijvend verminderen.

Wat is het?

  • Tijdens de operatie wordt je maag verkleind en/of de hoeveelheid voedingsstoffen  verminderd. Een ander woord is bariatrische chirurgie.
  • Het is een manier om blijvend gewicht te verliezen en zware gezondheidsproblemen in de kiem te smoren. Het is geen esthetische chirurgie die alleen dient om je het figuur van een fotomodel te bezorgen.
  • Je verliest ongeveer een vierde tot een derde van je lichaamsgewicht. Daarnaast moet je net zo goed je levensstijl aanpassen en gezond eten en bewegen, anders is het een maat voor niets.

De spijsvertering

Om te begrijpen wat er gebeurt tijdens zo’n ingreep en wat de gevolgen zijn, is het goed om te weten wat er met ons eten gebeurt.

Ons spijsverteringsstelsel is een soort lopende band die ons voedsel verwerkt. Nuttige stoffen worden er uitgehaald en opgenomen door het lichaam, terwijl het onbruikbare overschot wordt geloosd.

  • De mond kauwt het eten fijn en vermengt het met speeksel. Door de slokdarm gaat het naar de maag.
  • De maag kneedt het eten en vermengt het met maagzuur. Dat maagzuur verdeelt de voedingsstoffen – eiwitten, vetten en suikers – in kleine stukjes zodat het lichaam ze gemakkelijk kan opnemen.
  • De dunne darm sluit aan op de maag. Het bovenste deel ervan heet ook twaalfvingerige darm. Daar komen er nog verteringssappen bij het voedsel, afkomstig van de alvleesklier en de galblaas. In het onderste deel van de dunne darm worden de voedingsstoffen uit de voedselbrij opgenomen in het bloed, dat ze daarna verdeelt over het hele lichaam.
  • De dikke darm neemt vocht op uit de voedselbrij. Wat overblijft verlaat als stoelgang ons lichaam via de anus.

Soorten ingrepen

Er bestaan drie soorten. De chirurg kiest die ingreep die het beste bij jouw situatie past.

1. Gastric bypass

  • Je maag wordt in twee stukken gesneden; de twaalfvingerige darm wordt losgesneden van de rest van de dunne darm. Van het bovenste stuk maag maakt de chirurg met nietjes een klein nieuw maagje. Dat wordt aangesloten op het onderste deel van de dunne darm. De rest van de maag en de twaalfvingerige darm worden op die manier overbrugd, vandaar de naam bypass. De twaalfvingerige darm wordt weer aangesloten lager op de dunne darm. Door het overblijvende stuk van de oude maag gaat geen voedsel meer, maar het blijft wel verteringssappen leveren.
  • Na de ingreep eet je minder, omdat je nieuwe maag maar de grootte van een kippenei heeft. Bovendien ben je heel snel verzadigd.
  • Je hebt door de operatie ook minder honger tussen de maaltijden door. Veel mensen denken daarna minder vaak aan eten en hebben vanzelf minder trek in vet, zoet of ander genotsvoedsel. Ze kunnen hun eetlust ook beter beheersen. Hoe dat komt, weet men nog niet helemaal.
  • De ingreep is tamelijk ingewikkeld, maar kan weer ongedaan gemaakt worden. Er wordt namelijk niets van je maag of darm weggenomen.
  • Deze ingreep wordt vandaag het meest toegepast.
  • Er bestaat ook zoiets als een “mini-bypass”. Deze ingreep kan aanleiding geven tot terugvloeien van gal in de slokdarm, waardoor het geen eerste keus is.

2. Sleeve gastrectomy

  • Je maag wordt flink kleiner gemaakt door het grootste stuk ervan weg te snijden: van de vroegere meloenvorm wordt ze nu een banaan.
  • Na de ingreep voel je je sneller verzadigd en heb je ook minder honger.
  • et gewichtsverlies et gewichtsverlies is even goed als na een gastric bypass, maar op lange termijn kan er meer sprake zijn van zure reflux. 
  • Deze operatie is minder ingewikkeld dan een gastric bypass, maar je kan haar niet meer ongedaan maken. Je maag is daarna voor altijd kleiner.

3. De maagring

  • Je maag blijft uit één stuk, maar rond het bovenste stuk komt een ringetje. Daardoor kan het eten niet vlot meer passeren naar de rest van de maag.
  • Deze ingreep is niet zo doeltreffend als de twee andere. Je kunt niet meer zo veel eten als vroeger, maar je hebt vaak honger.
  • De kans op verwikkelingen na de operatie is erg klein, maar soms moet de ring na een aantal jaren verwijderd of vervangen worden.
  • Je kan de ingreep weer ongedaan laten maken.
  • Dit is de oudste ingreep, maar ze wordt niet meer zo vaak uitgevoerd.

Risico’s

  • Elke operatie houdt een risico in. Als je zwaar overgewicht hebt, is dat risico echter lager dan de gezondheidsrisico’s die je loopt door niets te doen.
  • De kans op complicaties bedraagt 1 tot 2 %.

Voorbereiding

Vooraf gebeurt een screening in de obesitaskliniek waar je je laat behandelen.

Lichamelijk

  • Ligt toch een medische oorzaak aan je overgewicht? Bijvoorbeeld een te traag werkende schildklier. Zoiets vindt men echter maar zelden. Veel vaker blijkt dat iemand al op weg is naar diabetes type 2.
  • Kan je de operatie aan? Het is immers een grote lichamelijke inspanning. Je moet een gezond hart en longen hebben. Heb je al gezondheidsproblemen door je overgewicht en ben je wat ouder, dan kan een operatie riskant zijn en zijn er extra onderzoeken nodig.

Psychologisch

  • De beslissing moet rijpen en je mag haar niet impulsief nemen. Je moet zelf vinden dat het nodig is, gemotiveerd zijn en beseffen waarvoor zo’n ingreep dient.
  • Laat je de operatie om de juiste reden uitvoeren? Tegen een eetstoornis of een alcoholprobleem haalt het niets uit. Het kan zelfs gevaarlijk zijn.

Om je lichaam zo fit mogelijk te maken voor de ingreep, volg je vooraf al bewegingstherapie. Om de ingreep technisch minder moeilijk te maken, moeten sommige mensen ook een beetje afvallen. Dat gebeurt meestal met laagcalorische dieetvoeding uit de apotheek.

Hoeveel kost het?

Je betaalt zelf ongeveer 1200 euro van de 8 tot 10.000 euro die de ingreep kost. Daarmee voorkom je welvaartsziekten, die op lange termijn meer zouden kosten aan de gemeenschap. Daartegenover stelt de overheid voorwaarden:

  • Een BMI van ten minste 40. Of een BMI van ten minste 35, als je ook al lijdt aan diabetes type 2, ernstige hoge bloeddruk of slaapapneu.
  • Je hebt ten minste één jaar zonder succes een dieet gevolgd. Voor de meeste mensen met obesitas is die voorwaarde een makkie.
  • Je bent ten minste 18 jaar oud.
  • Een multidisciplinair team - bestaand uit een chirurg, een endocrinoloog of internist en een psycholoog - vindt je geschikt voor de ingreep.

Na de ingreep

Gedurende de eerste weken moet je lichaam zich aanpassen aan de nieuwe toestand. Je eet alleen kleine porties en schakelt heel geleidelijk over van vloeibaar naar vast voedsel.

Na die overgangsfase mag je weer alles eten, zolang het maar gezond en evenwichtig is.

Vier tot zes weken na de ingreep is hét moment om regelmatig aan lichaamsbeweging te gaan doen. Doe iets met een lage intensiteit, zodat je het een uur kan volhouden. Dat is zeker een haalbaar doel.

Oorzaak

  • ​Lange tijd meer eten dan je lichaam nodig heeft, is de belangrijkste oorzaak. Uit ons eten halen we de energie die we nodig hebben om te leven. Wanneer we bewegen verbruiken we veel brandstof, wanneer we stilzitten of slapen veel minder. Wat ons lichaam niet meteen nodig heeft, slaat het op als vet. Bij de meeste mensen met overgewicht is het evenwicht tussen eten en bewegen dubbel verstoord: ze eten niet alleen te veel, ze bewegen ook te weinig.
  • Erfelijke eigenschappen. Sommige mensen komen veel gemakkelijker bij dan andere, ook al eten en bewegen ze evenveel. Waarschijnlijk spelen veel verschillende genen daarin een rol. Vooral hoe je lichaam omgaat met de energie die het uit de voeding haalt, verschilt van persoon tot persoon. Erg zuinige lichamen stapelen energieoverschotten sneller op in de vorm van vet dan andere.
  • Onze levensstijl en welvaart hebben zo’n zuinig lichaam vandaag tot een nadeel gemaakt. Tegenwoordig hebben we meer eten dan we op kunnen. Bovendien bevat dat voedsel vaak erg veel vet en suiker, waardoor het extra lekker smaakt. Maar je wordt er ook sneller dik van. Tegelijk bewegen we veel minder, omdat machines dat nu voor ons doen. We hebben dus minder eten nodig, maar krijgen er steeds meer en kunnen er steeds moeilijker aan weerstaan.

Verschenen op 22 januari 2013 en aangepast op 25 oktober 2017 met medewerking van professor Yves Van Nieuwenhove, kliniekhoofd dienst gastro-intestinale heelkunde, UZ Gent

Contacteer ons

Voor alle vragen over jouw ziekteverzekering

Bond Moyson Oost-Vlaanderen

09 333 55 00