Babyspelletjes

‘Welke spelletjes vinden baby's leuk?’

Praten met je baby

Kies een gemakkelijke houding waarbij je rechtstreeks oogcontact hebt met je baby. Hij wordt geboeid door je gezicht: een beweging van je hoofd, een grimas, een bepaald stemgeluid. Hij zal het allemaal nauwlettend bekijken en beluisteren.

Klap eens in de handjes

Neem de handjes van je baby vast, beweeg ze naar elkaar toe en zing ondertussen het liedje ‘klap eens in de handjes’. Later zal je baby zelf in zijn handjes klappen als je het liedje zingt.

Grimassen en geluiden

Laat de baby je gezicht bekijken en betasten. Grimassen en gekke geluiden zullen je baby aan het lachen brengen. Voorbeelden:

  • Begin te jammeren als je baby op je gezicht slaat.

  • Zeg enkele keren na elkaar ‘boem' en kom ondertussen met je hoofd dichter naar het zijne toe.

  • Zing een stijgende toonladder terwijl je hoofd dichter naar het zijne toe gaat, en een dalende toonladder terwijl je weer achteruitgaat.

Kiekeboespelletjes

  • Hou je handen voor je ogen. Trek ze plots weg en roep 'kiekeboe'.

  • Hou een handdoek voor je gezicht. Buig je zo naar je baby en laat hem het doekje wegtrekken. Roep 'piep' of 'kiekeboe' telkens als hij dat doet.

  • Ga achter een deur, een hoek of een gordijn staan en roep de naam van je kindje. Laat je weer zien en zeg dan 'kiekeboe'.

  • Leg een doekje over het hoofd van je baby. Roep 'kiekeboe' of een ander woord, telkens als hij het doek eraf trekt.

  • Verstop een koek of een blokje onder een slabbetje of een omgekeerd doosje. Roep 'bravo' of 'ooooh' telkens als hij het er opnieuw onderuit haalt. Tijdens zo’n spelletje kan je nagaan of je kind al beseft dat een voorwerp dat men niet meer ziet, er toch nog kan zijn.

Liedjes zingen

  • Zing regelmatig hetzelfde liedje met je baby. Aanvankelijk zal hij de melodie herkennen en later ook de woorden.

  • Zing regelmatig hetzelfde melodietje, maar met andere klanken. Voorbeeld: ‘la la la’, ‘broem broem broem’, ‘hop sa sa’.

  • Neurie of fluit een liedje terwijl je samen met je baby schommelt, wiegt of danst.

  • Zing een liedje en beweeg de armen van je baby mee op de maat.

Spiegelspelletjes

Rond de leeftijd van 10 maanden herkent een baby zichzelf in een spiegel. Het moment van spiegelspelletjes is dan aangebroken. Je baby is gefascineerd door zijn eigen spiegelbeeld. Hij zal het aftasten, een kusje geven en proberen om te zien of er iets achter de spiegel verborgen zit. Hij kijkt geboeid naar zijn eigen bewegingen en wordt zich daardoor meer bewust van wat hij met zijn lichaam kan doen.

Mogelijke spiegelspelletjes:

  • Gezichten trekken in de spiegel.

  • Bewegingen nadoen in de spiegel.

  • Speelgoedjes in het spiegelbeeld laten verschijnen en laten benoemen.

  • Wijzen naar je baby en vragen ‘Wie is dat?’

  • De haartjes borstelen voor de spiegel.

  • Een popje achter de rug houden en hiermee bewegingen maken voor de spiegel.

Tafelspelletjes

Neem de baby op je schoot en ga aan tafel zitten.

  • Laat hem grijpen naar een blokje, een doosje of een wasknijper. Kan je baby nog niet alleen zitten? Dan kan hij toch grijpen naar kleine voorwerpen die ergens op liggen.

  • Geef je baby een houten lepel om op tafel te kloppen.

  • Laat je baby grijpen naar een touwtje waaraan een speeltuigje bevestigd is, zoals een kartonnen bekertje. Geleidelijk aan beseft je baby dat hij aan het touwtje moet trekken om het speeltuigje naar zich toe te halen.

Hoe groot wordt…?

Pak de handjes van je baby en vraag hem: ‘Hoe groot wordt….?’ Breng zijn armpjes de lucht in en zeg: ‘Zo groot!’. Herhaal dit spelletje enkele keren. Geleidelijk aan zal je baby zelf zijn handjes omhoog brengen als je hem vraagt: ‘Hoe groot wordt…?’

Samen dingen bekijken

Loop regelmatig met je kindje op de arm door het huis en de tuin, en laat hem vertrouwde dingen bekijken en betasten: een foto, planten, de radio, een kastdeurtje dat open- en dichtgaat. Praat ondertussen over de dingen die zijn aandacht trekken.

Samen op de vloer

Een baby die kruipt vindt het heel spannend als je hem achterna kruipt.

Je zit met je gezicht naar hem toe. Rol een bal naar hem toe en moedig hem aan om de bal terug te rollen.

Je zit nog steeds met je gezicht naar hem toe. Neem zijn handjes vast en zeg: “Ga je opstaan”? Trek hem niet omhoog, vóórdat hij dit uit zichzelf kan.

Pak het hoedje

Zet een papieren hoedje, een doosje of iets dergelijks op je hoofd. Kom dichter bij de baby en zeg: “pak het hoedje”. Prijs hem als hij het vastpakt.

Nabootsspelletjes

Doe iets vóór. Bootst je baby dit na, herhaal het dan op jouw beurt.

  • Met je hand op tafel slaan en ondertussen ‘klop-klop’ zeggen.

  • Dag zwaaien.

  • In de handjes klappen .

  • ‘Dada’, ‘papa’, ‘mama’ zeggen.

  • Klakken met de tong.

  • Smakken met de lippen.

Vingerspelletjes

Pak de vingertjes van je baby één voor één vast terwijl je het volgende versje uitspreekt: ‘Naar bed, naar bed zei Duimelot. Eerst nog wat eten, zei Likkepot. Waar zal ik het halen, vroeg Lange Jaap. In grootvaders kastje, zei Ringeling. Dan zal ik het verklappen, zei ’t kleine ding’.

Aangeefspelletjes

Spelletjes waarbij je baby steeds voorwerpen aangeeft die hij van jou terugkrijgt, zal hij met veel plezier eindeloos herhalen. Zeg “dank je wel” als je kindje het voorwerp teruggeeft. Stilaan zal hij ook dit woord leren gebruiken.

Contacteer ons

Voor alle vragen over jouw ziekteverzekering

Bond Moyson Oost-Vlaanderen

09 333 55 00