Motoriek en beweging

Beweging is heel belangrijk voor peuters: het is goed voor de lichamelijke, sociale en cognitieve ontwikkeling.

 

​Motoriek bij peuters

De peuterleeftijd is een stormachtige periode wat de ontwikkeling van de motoriek betreft. Je peuter leert het grijpen, zitten, kruipen en lopen onder de knie te krijgen. Van 0 tot 4 jaar ontwikkelt hij zich tot een kleuter die rent, klimt en kan fietsen.

Er bestaan grote individuele verschillen in het ritme van elk kind. Je hebt immers trage en snelle lopertjes. En je hebt handige en onhandige kinderen. Aanleg en temperament hebben hun invloed, maar ook voldoende kunnen oefenen en bewegen zijn belangrijk, want de ontwikkeling van de motoriek hangt nauw samen met de rijping en de groei van je kind en is een goede indicatie voor zijn algemene ontwikkeling.

Als een kind niet genoeg kan oefenen, krijgt het niet genoeg aanmoediging. Nieuwe ervaringen opdoen is immers erg belangrijk voor je peuter. Door te bewegen leert hij het verschil tussen groot en klein, tussen dicht en ver, tussen boven en onder… Hij leert afstanden in te schatten en de samenhang van zijn bewegingen worden steeds vloeiender. Deze vaardigheid is nodig om straks mee te kunnen op de basisschool. Er bestaat immers een duidelijke samenhang tussen de motorische en verstandelijke ontwikkeling.

Dit is ook zo voor de fijne motoriek. Een peuter krabbelt met een dikke stift op papier. Dit is een goede voorbereiding tot het leren vasthouden van een potlood en later tot het leren schrijven.

Kan een peuter tekort aan beweging krijgen?

Een gezonde peuter zal zelf wel zoeken naar bewegingsmogelijkheid. Voor een peuter is spelen en bewegen immers identiek. Als een echte ontdekkingsreiziger gaat hij in zijn omgeving op zoek naar nieuwe belevenissen. En daarbij trekt alles zijn aandacht. Maar als je heel klein behuisd bent of je kind heeft een wat trager ritme, dan mag je best een handje helpen. Dit kan heel eenvoudig door met je kind te gaan wandelen naar het dichtstbijzijnde parkje of speeltuintje of door met je peuter te gaan zwemmen. En wees ook niet te streng of te bezorgd. Laat je kind de dingen zelf uitproberen, ook al duurt het langer en wordt het vaak een knoeiboel. Zelf eten en de lepel leren vasthouden of zelf je jasje leren aandoen zijn zeer goede dagelijkse oefenmomenten.

Mijn peuter is wat traag. Moet ik mij ongerust maken? 

Trage kinderen hebben niet noodzakelijk een achterstand. Maar voor elke leeftijdsfase bestaan er wel kritische momenten en alarmsignalen. Heb je echt twijfel over de ontwikkeling van je kind, dan kan je best deskundig onderzoek aanvragen. 

 

Lees meer over:

Contacteer ons

Voor alle vragen over jouw ziekteverzekering

Bond Moyson Oost-Vlaanderen

09 333 55 00

Online advies

De Webnanny geeft gratis opvoedingsadvies via e-mail.