Longrevalidatie

​Als kortademigheid en lichamelijke beperkingen je erg hinderen, kan je arts longrevalidatie in het ziekenhuis voorschrijven.
Gedurende ongeveer drie maanden werk je dan intensief samen met een team van zorgverleners aan het verbeteren van je gezondheid. Voor het beste resultaat ga je driemaal per week naar het ziekenhuis, telkens anderhalf tot twee uur per sessie. Er wordt dus heel wat van je verwacht, maar de resultaten maken die inspanning meer dan waard. Je lichamelijke toestand verbetert, je herwint wat van je vrijheid, voelt je mentaal beter en kan beter omgaan met de problemen van alledag.
Na dat eerste programma volg je een onderhoudsprogramma. Afhankelijk van je conditie blijf je dat doen in de longrevalidatie, in een privé-kinepraktijk of thuis.

Hieronder wordt uitgelegd wat longrevalidatie allemaal inhoudt.

Wat

​Waaruit bestaat longrevalidatie?

Longrevalidatie is meer dan alleen een oefenprogramma. Alles wat te maken heeft met je ziekte en de behandeling ervan komt aan bod. Het team van zorgverleners bestaat minstens uit een longarts, een kinesist gespecialiseerd in longproblemen, een verpleegkundige, een diëtist, een ergotherapeut en een psycholoog.

Informatie

Tijdens informatiesessies leer je alle ‘theorie’ over je ziekte en de behandeling ervan. Je mag je partner of een andere naaste meebrengen naar deze sessies.

Conditietraining

Conditietraining maakt je lichaam sterker. Je lichamelijke uithoudingsvermogen wordt veel groter. Een inspanning zoals stappen kan je veel langer volhouden dan voor je revalidatie. Bovendien neemt het aantal opstoten af. Dat alles betekent een enorme verbetering van je levenskwaliteit. Meer hierover op de volgende tab.

Adem- en hoesttechnieken

Dit zijn technieken om doeltreffender te ademen, minder kortademig te zijn en slijmen gemakkelijker uit je luchtwegen te verwijderen. De kinesist leert je hoe je ze juist uitvoert. Heb je ze eenmaal onder de knie, dan kan je ze thuis verder gebruiken. Meer hierover op een volgende tab.

Inhalatietechnieken

De verpleegkundige of apotheker helpt je om die voorgeschreven puffer goed te gebruiken. Er bestaan immers verschillende types, elk met zijn eigen techniek. Meer herover op een volgende tab.

Voeding

De diëtist helpt je om je voeding bij te sturen wanneer je te mager of te zwaar bent.

COPD vreet energie, omdat ademen je door de ziekte veel energie kost. Daardoor kan je heel erg mager worden, smelten je spieren weg en verzwakt je gezondheid. Je bent dan ondervoed en hebt extra energie nodig om weer bij te komen. Vooral eiwitten zijn dan belangrijk. Kom je er niet met je dagelijkse voeding, dan helpen eiwitrijke drankjes om aan te sterken. Je koopt ze bij de apotheek.

Sommige mensen met COPD hebben obesitas en moeten afvallen. Dan helpt de diëtist je een gezond vermageringsdieet op te stellen.

Emotionele ondersteuning

COPD is niet alleen een nare ongeneeslijke ziekte, ze heeft ook een grote invloed op je sociaal leven. Je lichamelijke toestand kan zo slecht worden dat je niet meer buitenshuis komt en weinig mensen ziet. Geen wonder dat je daardoor neerslachtig wordt of zelfs een depressie krijgt. Dan kan de psycholoog helpen.

De longrevalidatie en de groepstraining helpen op zichzelf echter al om je mentaal beter en minder alleen te voelen. Je ontmoet immers mensen met dezelfde ziekte en problemen. Je deelt ervaringen en moedigt elkaar aan tijdens de trainingen. Bovendien verbetert je lichamelijke toestand gaandeweg.

Dagelijks leven

Dagdagelijkse handelingen worden moeilijk als je adem en energie tekort komt. Bijvoorbeeld, als je je borstspieren nodig hebt voor je ademhaling, wordt zelfs een bord in een hoge kast wegzetten een zware inspanning. De ergotherapeut leert je energiebesparende technieken en zoekt samen met jou oplossingen voor eenvoudige problemen. Zo kan je beter voor jezelf zorgen en actief blijven.

Stoppen met roken

Stoppen met roken is heel belangrijk om echt baat bij de longrevalidatie te hebben. Daarom bieden de longrevalidatiecentra een rookstopprogramma aan. Deelname is zelfs verplicht als je naar een van de twee erkende longrevalidatiecentra gaat. Lees ook onze info over stoppen met roken.

Voorwaarden

Het longrevalidatieprogramma is momenteel voorbehouden aan patiënten die al behoorlijk veel last hebben van de ziekte. Daarvoor bestaan wettelijk bepaalde criteria. Je kan er alleen aan deelnemen als je behandelend arts je doorverwijst. Je moet bovendien instemmen met de deelname aan een rookstopprogramma.

Je moet je engageren om verschillende keren per week te komen oefenen. De vooruitgang die je boekt en het samen oefenen met lotgenoten helpen je echter volhouden.

Na het einde van je revalidatieprogramma moet je je gezonde levensstijl volhouden, anders ga je weer achteruit.

Waar kan je terecht?

In Vlaanderen zijn enkel het UZ Leuven en het UZ Gent erkend als longrevalidatiecentrum. Dat betekent dat je daar ook een betere terugbetaling krijgt van de kosten.    

Met COPD valt het niet altijd mee om je drie keer per week naar een van die twee centra te verplaatsen. Gelukkig kan je ook in andere ziekenhuizen terecht voor een vergelijkbaar longrevalidatieprogramma. Met een kinesitherapievoorschrift van je arts krijg je wel een deel van de kosten terugbetaald, maar niet alles.

 

Conditie

​Conditietraining

Dit maakt je lichaam sterker. Je lichamelijke uithoudingsvermogen wordt veel groter. Een inspanning zoals stappen kan je veel langer volhouden dan voor je revalidatie. Bovendien neemt het aantal opstoten af. Dat alles betekent een enorme verbetering van je levenskwaliteit.

Voor je mag starten, krijg je een grondig lichamelijk onderzoek. Want veel mensen met COPD hebben nog andere aandoeningen waar men rekening mee moet houden.

Daarna krijg je een trainingsprogramma op jouw maat. Je oefent in een fitnesszaal met toestellen. Een kinesist begeleidt je tijdens de training. Voor de start van je trainingssessie worden je bloeddruk, de hoeveelheid zuurstof in je bloed en je gewicht gemeten. Terwijl je bezig bent houdt een van de kinesisten je zuurstofwaarden in het oog. 

Het trainingsprogramma bestaat uit de volgende onderdelen:

Uithouding

De training kan bestaan uit fietsen, stappen op een loopband, oefenen met een step of een armfiets.

Het is minder onmogelijk dan het lijkt. Je oefent weliswaar tamelijk intensief, maar je mag je oefeningen opsplitsen in blokjes. Je fietst dan bijvoorbeeld geen 10 minuten aan één stuk door. Wel fiets je een minuut stevig door, daarna rust je een minuut en dat herhaal je tot je in totaal 10 minuten gefietst hebt. Je krijgt bovendien extra zuurstof als dat nodig is om de training vol te houden.

Krachtoefeningen

Dit zijn oefeningen voor armen en benen met behulp van toestellen. Je spierkracht behouden is namelijk heel belangrijk voor je algemene gezondheid. Van dit soort oefeningen raak je bovendien minder snel buiten adem.

Ademhalingsspiertraining

Als COPD-patiënt gebruik je ook de spieren van hals en borst om te ademen. Die hulpademhalingsspieren train je met een speciaal toestel. Dit toestel gebruik je ook thuis. Je kan het bestellen via het longrevalidatieteam of je behandelende kinesitherapeut. Het is vooral nuttig als de kracht van je hulpademhalingsspieren vermindert en je tamelijk kortademig bent.

 

Adem-hoest

​Adem- en hoesttechnieken

Dit zijn technieken om doeltreffender te ademen, minder kortademig te zijn en slijmen gemakkelijker uit je luchtwegen te verwijderen. De kinesist leert je hoe je ze juist uitvoert. Heb je ze eenmaal onder de knie, dan kan je ze thuis verder gebruiken. Er bestaan ook andere eenvoudigere technieken die je op eigen houtje kan leren.

  • Om slijmen uit de luchtwegen te verwijderen, hoest je. Soms werkt hoesten echter niet goed als je COPD hebt. Je vermogen om te hoesten kan door de ziekte achteruitgaan. Dan blijven de slijmen zitten, heb je meer moeite met ademen en worden je longen vatbaarder voor infecties.
    Is je hoest niet meer doeltreffend om je slijmen op te hoesten, dan kan de kinesitherapeut je  tips geven om juister te hoesten. Deze tips besparen je energie.

Behalve deze hoesttips, zijn er nog andere technieken.

  • Zachte ademhalingstechnieken. Autogene drainage is de techniek die in Vlaanderen het meest wordt toegepast. Door een ander deel van je longen dan gewoonlijk te gebruiken voor je ademhaling, verzamel je de slijmen uit de probleemzones waar ze vastzitten en breng je ze naar boven.
  • Huffen is krachtig zuchten zonder de keel te sluiten. Door de luchtverplaatsing bewegen de slijmen naar boven. Dit is een heel belangrijke techniek om slijmen zonder hoesten te verwijderen. Je voorkomt ermee dat je luchtwegen dichtklappen door het hoesten en dat het slijm gevangen blijft zitten.

Wat werkt minder goed?

Vibraties op de borstkas met een toestel of door tapoteren - klopjes met de hand geven.  Dit is een verouderde techniek. Er is weinig bewijs voor dat het werkt en bovendien kan je het niet bij jezelf uitvoeren.

 

 

Inhalatie

​Inhalatietechnieken

Je dagelijkse inhalatiegeneesmiddelen dien je jezelf toe met je puffer.

De juiste medicatie voorschrijven is de taak van de behandelende arts. De verpleegkundige of apotheker helpt je om die voorgeschreven puffer goed te gebruiken. Er bestaan immers verschillende types, elk met zijn eigen techniek. Adem je niet goed in of heb je niet het juiste hulpmiddel, dan geraakt het geneesmiddel niet tot diep genoeg in de longen. Het werkt dan niet naar behoren en je loopt meer risico op bijwerkingen, zoals een  schimmelinfectie door de cortisone. 

Tips: spoel na het puffen altijd je mond met water.

Laat je puftechniek regelmatig controleren.  Na verloop van tijd kan je namelijk een eigen manier ontwikkelen die minder doeltreffend is.  Je techniek moet dan bijgestuurd worden.

Nadien

​Na de revalidatie

Hoe onderhoud je je conditie?

  • Wandelen, fietsen en zwemmen kan je in je eentje doen, net als fietsen op een hometrainer. Heb je thuis geen toestellen om je spieren te trainen, dan kan je ook met elastieken je krachtoefeningen doen.
  • Een fitnesscentrum kan een alternatief zijn, maar het is een andere omgeving dan het revalidatiecentrum. In het fitnesscentrum trainen vooral gezonde mensen. Bovendien mis je er het contact met je lotgenoten en hun emotionele ondersteuning. Omgekeerd kan je er wel nieuwe mensen leren kennen en maak je je ziekte door je aanwezigheid beter bekend in onze maatschappij.
  • Heb je geen zuurstof nodig tijdens het oefenen, dan kan je terecht in een privé-kinepraktijk met een oefenzaal.
  • Blijf je zuurstof nodig hebben, dan kan je een onderhoudsprogramma volgen in het longrevalidatiecentrum. In de praktijk blijven veel mensen het daar doen, omdat ze dan ook hun groepsgenoten en vertrouwde begeleiders blijven zien. Spijtig genoeg is de terugbetaling na de revalidatie niet ideaal en kan het op de duur kostelijk worden.

Verschenen op februari 2014 met medewerking van Glenn Leemans, respiratoir kinesist, longrevalidatie, UZA en Denise Daems, ventilatiedeskundige, UZA.

Contacteer ons

Bond Moyson West-Vlaanderen

President Kennedypark 2
8500 Kortrijk

056 230 230