Astmavriendelijke omgeving

Als je astma hebt, zijn je longen overgevoelig of allergisch voor allerlei prikkels die eigenlijk onschadelijk zijn. Voor allergische prikkels (huisstofmijt, huisdieren, plantenstuifmeel,…). Of voor niet-allergische prikkels (rook, sterke geuren,…). Contact met zo’n prikkel kan een astma-aanval of een andere vervelende reactie uitlokken. Vermijd je die prikkels, dan heb je ook minder last van astma. Vooral je huis kan je zo astmavriendelijk mogelijk te maken. Thuis kan je immers meer veranderen aan je leefomgeving dan elders.

Tips

​De uitlokkende prikkels zijn niet bij elke astmapatiënt dezelfde. Vóór je de inrichting van je huis of je levensstijl verandert, moet je dus weten wat wel last veroorzaakt en wat niet. Richt je alleen op datgene waarvan bewezen is dat het een reactie uitlokt.

Ga er niet te ver in. Doe wat haalbaar is. Je kan immers wel het aantal allergenen – de stofjes die een allergische reactie uitlokken - in huis of in je bed verminderen, maar er blijven er altijd genoeg over om last te veroorzaken. Je zal minder last hebben dan als je helemaal niets zou doen. Maar verwacht geen mirakels van die maatregelen. Je geneesmiddelen blijven het belangrijkste wapen tegen astma

Geef geen geld uit aan erg dure oplossingen of toestellen. Je houdt er immers nooit alle allergenen mee tegen. Bovendien is lang niet altijd bewezen dat ze werken.

Maak je huis niet allergiearm om te voorkomen dat je kind allergisch wordt. Zo werkt het niet. Door kleine kinderen die nog niet allergisch zijn af te schermen van allergenen, vergroot je net de kans dat ze een allergie krijgen. Omgekeerd, als ze van jongs af veel met allergenen in contact komen, verkleint de kans dat ze een allergie ontwikkelen. Koop dus geen dure antiallergische matras voor een baby die nog geboren moet worden. Wil je een poes of hond, haal het dier dan zo vroeg mogelijk in huis. Wacht je daarmee tot wanneer je kind al zes is, dan is het risico groter dat het op dat moment allergisch gaat reageren en dat je het dier moet wegdoen.

Logeren

Wat als jij of je kind met astma wil gaan logeren? Je kan er  meer last dan thuis verwachten, maar dat betekent niet dat je daar geen voet kan binnenzetten. 

  • Breng het gastgezin op de hoogte van je  (of je kind zijn) astma. Dan weten ze waar ze moeten op letten en hoe ze moeten reageren mocht je kind een aanval krijgen.
  • Het gezin kan vooraf het huis en vooral de logeerkamer een extra poetsbeurt geven en zoveel mogelijk allergenen opruimen. 
  • Pak een eigen slaapzak mee in. 
  • Neem of geef alle astmageneesmiddelen mee die jij of je kind zou kunnen nodig hebben. 
  • Pak preventief een extra pufje.

Dieren

Poes en hond veroorzaken het vaakst last. Vooral hun huidschilfers en speeksel zijn allergeen, niet hun haren zoals vaak gedacht wordt. Ook knaagdieren, paarden en zelfs vogels kunnen allergisch astma veroorzaken. Maar dat komt minder vaak voor. Als je allergisch bent voor één soort huisdier, ben je dat niet automatisch voor een ander. Je kan bijvoorbeeld wel allergisch zijn voor katten, maar niet voor honden. 

  • Zoek een andere thuis voor het dier. Het is pijnlijk, maar wel de beste oplossing. 
  • Maak daarna het huis heel grondig schoon. Dierenallergenen zijn echter hardnekkig, waardoor je nog een tijdje last zal hebben. 
  • Kom je door je beroep onvermijdelijk in contact met huisdieren – bijvoorbeeld als je een dierenarts bent – dan is immunotherapie of allergievaccinatie een mogelijke oplossing. Met deze behandeling word je geleidelijk bestand tegen de allergenen.

Huisstofmijt

Veel mensen met astma zijn allergisch voor de huisstofmijt, vooral haar uitwerpselen die je inademt zonder het te weten.
De huisstofmijt is een spinachtig beestje, zo klein dat je het met het blote oog niet kan zien. In elk huis zitten er massa’s. Ze houden van een warme en vochtige omgeving. Net wat ze vinden in moderne, goed geïsoleerde huizen. Vooral in textiel wonen ze graag: in bedden, meubilair, vloerbedekking enz. Bovendien zijn het heel taaie beestjes. Helemaal uitroeien kunnen we ze daardoor niet, wel hun aantal verminderen.

De slaapkamer en vooral het bed vormen het belangrijkste actieterrein in de strijd tegen de huisstofmijten. Met honderdduizenden wonen ze in de matras en het beddengoed. Je lichaamswarmte en zweet creëren er de ideale levensomstandigheden. Bovendien voeden ze zich met je dode huidschilfers.

Wat kan je doen?

  • Lucht elke dag de slaapkamer.
  • Spreid het beddengoed na het slapen open en laat de zon binnen schijnen in de kamer.
  • De ideale slaapkamertemperatuur ligt tussen 12 en 18°C.
  • Lakens en dekbedovertrekken zijn best uit katoen. Dit absorbeert het vocht goed en is gemakkelijk wasbaar.
  • Beperk het aantal zachte knuffels in de slaapkamer en in bed. Zachte knuffels zijn liefst wasbaar op 60°C.
  • Zorg voor een goed ventilerende beddenbodem, zoals een lattenbodem of spiraalbodem. Leg de matras zeker niet op de grond. Zorg dat je onder het bed kan schoonmaken.
  • Het bed zelf is liefst van glad, gemakkelijk schoon te maken materiaal. Vermijd een bedframe van textiel.
  • Een gladde vloer die zich gemakkelijk laat dweilen is ideaal. Bijvoorbeeld tegels, parket of linoleum.
  • Houd dikke losse tapijten, zware gordijnen en gestoffeerde meubels zoveel mogelijk uit de slaapkamer.
  • Bewaar speelgoed, linnengoed en dergelijke in gesloten dozen en kasten. Vermijd open kasten en rekken.

Wassen en schoonmaken

  • Was het beddengoed elke één tot twee weken, op een temperatuur van ten minste 60°C. Zo dood je de mijten en spoel je de allergenen eruit. De mijten overleven lagere temperaturen.
  • Nat schoonmaken is de beste manier om huisstof weg te nemen. Houd de vloeren en oppervlakken van de kamers schoon door ze vaak met een vochtige doek af te nemen. Droog afstoffen doet het stof en de allergenen alleen maar opwaaien en weer neerslaan.
  • Stofzuigen is minder doeltreffend dan nat schoonmaken, omdat een deel van het stof door de luchtstroom omhoog wordt geblazen. Verlucht tijdens en na het stofzuigen.
  • Vergeet die plaatsen niet waar het stof zich ongemerkt ophoopt: de binnenkant van de beddenbak, de kieren van een oude houten vloer, achter de radiator, op de kamerplanten.

Schimmel-vocht

​Sommige mensen zijn overgevoelig of allergisch voor schimmels. Schimmels planten zich voort via sporen, die door de lucht worden verspreid. Schimmelsporen zijn overal aanwezig en kunnen zich op alle plaatsen waar de omstandigheden gunstig zijn ontwikkelen tot beschimmeling. Vocht is daarvoor cruciaal. In huizen ontwikkelt beschimmeling zich vaak op muren en plafonds in vochtige ruimtes zoals de badkamer en keuken.  Tegen een klamme omgeving helpt een goede combinatie van verwarming en verluchting.

  • Verwarm de woning tussen 18 en 22°C; ’s nachts tot minstens 15°C. Vermijd grote temperatuurverschillen tussen de delen van het huis.
  • Laat het zonlicht overdag binnen.
  • Houd de luchtvochtigheid in huis in de gaten met een hygrometer. Een vochtigheidsgraad van 40 tot 50% is ideaal. Boven 60% gaan huisstofmijten en schimmels sneller groeien. Onder 30% is de lucht dan weer te droog. Dan kan ze je luchtwegen en ogen irriteren.
  • Verlucht de kamers en vooral de slaapkamers dagelijks een kwartier om de vochtigheid te verminderen.
  • Plaats ventilatieroosters in ruimtes waar veel vocht kan ontstaan en laat ze altijd openstaan.
  • Houd na een douche of bad de deur nog even dicht en zet het venster open, zodat het vocht zoveel mogelijk naar buiten ontsnapt. 
  • Gebruik de afzuigkap voor je begint met koken en tot een kwartier erna. Heb je geen afzuigkap, open dan het venster.
  • Laat de was zoveel mogelijk buiten drogen of gebruik een droogtrommel.

Beschimmeling in huis aanpakken

  • Beschimmeling in huis herken je aan een muffe geur. Je kan het ook zien: verkleurde plekken op de muren of in voegen.
  • Schimmels op gladde oppervlakken kan je verwijderen met detergent en een harde borstel. Niet met een droge borstel, want dan komen te veel schimmeldeeltjes in de lucht terecht.
  • Op ruwere oppervlakken zoals hout, siliconekit, pleisterwerk of gips krijg je ze alleen weg door het beschimmelde deel te (laten) verwijderen en te vervangen door nieuw materiaal.
  • Repareer lekken meteen. Zolang de oorzaak van het vochtprobleem niet is opgelost, komt de schimmel immers altijd terug.  

Hooikoorts

​Veel mensen met astma hebben ook hooikoorts of allergische rhinitis. Dan ben je allergisch voor het stuifmeel van bepaalde bloeiende bomen, grassen en onkruiden. Stuifmeel bestaat uit heel fijne korreltjes die door de wind worden meegenomen en verspreid. Dokters gebruiken niet de term hooikoorts, omdat hij niet juist is. Je bent immers niet allergisch voor het hooi en bovendien krijg je er geen koorts van. Daarom spreken zij over “allergische rhinitis”.
Voor welke soorten stuifmeel je allergisch bent, kom je te weten door een allergietest.
Houd de pollenkalender in het oog en volg het weerbericht. Zo weet je wanneer je de meeste last kan verwachten. Iedere bomen- of plantensoort heeft immers zijn eigen bloeiseizoen. Bomen bloeien vooral in de late winter en de vroege lente, kruiden en grassen in het late voorjaar en de zomer. Het juiste moment hangt bovendien af van de weersomstandigheden.

Je kan bepaalde maatregelen nemen, maar word er niet de gevangene van. Hou zeker je kind niet het hele pollenseizoen binnen: elk kind moet kunnen buiten spelen. Het is veel beter voor zijn gezondheid en ontwikkeling om het een extra pufje te laten nemen dan het in huis op te sluiten.

Enkele tips

  • Verlucht het huis ’s morgens vroeg. ’s Morgens vroeg – als er nog dauw ligt - of na een regenbui zijn er weinig pollen in de lucht.
  • Bij warm en droog weer zijn er veel pollen in de lucht. Doe dan beter geen inspanningen buiten. Hou ramen en deuren gesloten.
  • Maak binnen regelmatig schoon om stuifmeel dat op de grond gevallen is te verwijderen.
  • Laat de was niet buiten drogen, zeker niet het beddengoed.
  • Was je handen en gezicht als je buiten geweest bent.
  • Maai het gras voor het in bloei komt.
  • Vakantieplannen? Aan zee en in de bergen zijn er minder pollen in de lucht.

Stoffen

​Geuren en irriterende stoffen

Vluchtige stoffen, gassen, rook en sterke luchtjes lokken bij sommige mensen hevige reacties uit. Het hoeft daarom niet te stinken: ook een duur parfum kan overlast veroorzaken. Vermijd dat soort stoffen dan ook zo veel mogelijk in huis. Kan het niet anders, verlucht dan vooral erg goed.

  • abaksrook is niet alleen slecht voor mensen met astma, maar voor iedereen. Een rookvrij huis is de enige goede oplossing.
  • Een houtkachel, open haard of gasconvector stoten allemaal irriterende en schadelijke verbrandingsstoffen uit in de omgeving, binnen zowel als buiten. Gebruik liever een elektrisch toestel of een gastoestel met een goede afvoer en ventilatie naar buiten. Laat je toestellen regelmatig controleren en schoonmaken.
  • Rook van kaarsen, wierook,  de rook uit een vuurkorf of barbecue. Blijf zo kort mogelijk in een rokerige omgeving en was achteraf de rookdeeltjes uit je haren onder de douche.
  • Bak- en braadluchtjes. Gebruik de afzuigkap. Zet de kap aan even voor je begint met koken en houd ze aan tot een kwartier erna. Of zet het venster open als je geen afzuigkap hebt.
  • Pas op voor parfums en geurstoffen in verzorgingsproducten voor het lichaam, zoals deodorant of bodylotion. Kies producten zonder toegevoegde parfums.
  • Beperk parfum van luchtverfrissers, wasproducten, toiletverfrissers, geurkaarsen enz. Koop alleen producten met een neutrale geur. Beperk agressieve reinigingsmiddelen, bijvoorbeeld chloor. Gebruik een minder bijtend middel. Vooral reinigingsproducten uit een verstuiver mijd je beter.
  • Vermijd vluchtige oplosmiddelen in verf, lak of lijm. Kies zoveel mogelijk producten op waterbasis. Ze bevatten veel minder oplosmiddel dan producten op oliebasis. Door rollen of verven met de kwast komt minder oplosmiddeldamp in de lucht dan door spuiten. Verlucht tijdens en na de klus het huis of de kamer heel goed en blijf er uit weg tot de geur verdwenen is.
  • Pas op voor formaldehydegas dat ontsnapt uit nieuwe gelijmde meubels, laminaatvloeren, spaanplaat of isolatiemateriaal. Dit probleem is tijdelijk, omdat het gas na een aantal weken verdampt is. Ventileer ondertussen heel goed en blijf zo mogelijk uit de kamer(s) in kwestie.

Verschenen op 30 januari 2015 met medewerking van Vera De Groof, adviserend geneesheer NVSM

Contacteer ons

Bond Moyson West-Vlaanderen

President Kennedypark 2
8500 Kortrijk

056 230 230